Buurvrouw wanneer gaat u weer bakken?
De buurkinderen willen meer
Ik maak pannenkoeken. Ik breng ze naar de buurvrouw.
Zij heeft vier kinderen.
De kinderen vinden pannenkoeken heel lekker.
Ze zeggen: “Mevrouw, dank u wel.”
Nu vragen ze soms: “Buurvrouw wanneer gaat u weer pannenkoeken bakken.”
Pari
-
Buurvrouw wanneer gaat u weer bakken?
-
De buurkinderen willen meer
-
Ik maak pannenkoeken. Ik breng ze naar de buurvrouw.
Zij heeft vier kinderen.
De kinderen vinden pannenkoeken heel lekker.
Ze zeggen: “Mevrouw, dank u wel.”
Nu vragen ze soms: “Buurvrouw wanneer gaat u weer pannenkoeken bakken.”
Pari
- 52.3929919315 4.95324611664
-
- bakken
- pannenkoeken
- kinderen
- buren
